Een vertraagde of verstoorde taalontwikkeling (zowel qua uiten alsook begrijpen), het laat op gang komen van de gesproken taal, verminderde spraakverstaanbaarheid of verlies van communicatieve- of taalvaardigheden zijn belangrijke redenen om te kiezen voor Ondersteunde Communicatie (OC).

OC omvat alle strategieën, communicatievormen en hulpmiddelen waardoor het overbrengen van een boodschap ondersteund of alternatief geuit kan worden indien iemand zich via spraak (nog) niet voldoende kan uitdrukken.

OC, in het Engels beschreven als Augmentative and Alternative Communication (AAC), betekent dat alle mogelijke communicatievormen en middelen worden ingezet om (nog resterende) communicatieve vaardigheden van mensen te optimaliseren.

De uitgangspunten van OC sluiten nauw aan bij de basisfilosofie van Totale Communicatie (TC); een term die vooral binnen de zorg voor mensen met verstandelijke beperkingen wordt gebruikt. OC/ TC wordt ingezet bij mensen die niet of nauwelijks spreken, maar ook bij mensen die moeite hebben met het begrijpen van gesproken taal.

Communcatiehulp

Verschillende communicatievormen

OC onderscheidt communicatievormen zonder en mét hulpmiddel.

Communicatievormen zonder hulpmiddel komen geheel vanuit de persoon of de communicatiepartner zelf. Denk hierbij aan ondersteunende gebaren, blikrichting, wijzen, mimiek en lichaamshouding.
Bij communicatievormen met hulpmiddelen kan er gebruik worden gemaakt van externe hulpmiddelen zoals een pictobord, fotoklappers, een communicatieboeken of technische hulpmiddelen zoals een spraakknop of een spraakcomputer. 

COMMUNICATIE-ONDERSTEUNENDE HULPMIDDELEN

  • Eenvoudige communicatiehulpmiddelen,

    Deze zijn onder te verdelen in
    - non-tech hulpmiddelen zoals picto-borden en communicatieboeken
    - low-tech hulpmiddelen. Ze maken het mogelijk om gesproken boodschappen op te nemen en af te laten spelen. Hiermee wordt interactie gestimuleerd. Het is mogelijk om bijvoorbeeld korte gesprekjes te voeren. Een voorbeeld van een low-tech hulpmiddel is de BigMac.

  • Statische communicatiehulpmiddelen, ook wel middle-tech hulpmiddelen genoemd. Dit zijn communicatiehulpmiddelen die spraakboodschappen afspelen (een woord, of een volledige zin), geprogrammeerd achter een vaste toets. Deze hulpmiddelen zijn vaak voorzien van plaatjessystemen, zodat het voor de gebruiker direct duidelijk is achter welke toets welke boodschap te vinden is. Deze systemen zijn, afhankelijk van de mogelijkheden en behoeften van de persoon met een communicatieve beperking, ook in te richten met voelsymbolen, geschreven woorden of verwijzers.
  • Dynamische communicatiehulpmiddelen, ook wel high-tech hulpmiddelen genoemd. Deze hebben een interactief en veranderbaar (aanraak)scherm. Ze zijn zowel geschikt voor tekst- als symboolcommunicatie. Doordat de schermen veranderbaar zijn, is ook de indeling flexibel. Elke toets kan bijvoorbeeld verwijzen naar een andere pagina met nieuwe toetsen.
Communicatie

Blijf op de hoogte van ISAAC-NF